Een weinig na 9 uren is het weder tijd het logement te verlaten. Wij gaan nu na de joodsche beurs, nadat wij eerst over de marktplaats gegaan waren. Het is daar weder zeer druk van het Oude Volk, niettegenstaande er zeer veele dienders van de policie aanwezig zijn, die aldaar zoowel als door de geheele stad in meenigte omkruizen, gaat de handel voort terwijl anders de gansche stad door alle winkels gesloten zijn. Nu in de zoogenaamde beurshuizen, aldaar ben ik wederom teleurgesteld, terwijl mijn zwager mij had verzekerd dat ik aldaar zoo veele zaken zoude ontmoeten die mij wel zouden passen, hij heeft voor zijn handel van zilverwerk nog wel wat gedaan maar ik vond hetgeene ik zochte daar niet en was het aldaar zeer spoedig zat uit hoofde het mij te dompig was. Het was aldaar /69/ zeer laag onder verdieping, heete steenkolenvuren, vol van menschen, de zware tabaksrook daarbij niet ontbrekende, ik konde er met schik niet wezen, zoodat ik verheugd was dat wij nu verder de stad zouden gaan bezien terwijl wij nu na de Sint Paulus kerk heen gaan.183 Waarschijnlijk het stoutste gebouw mede van London, door de koningin Elisabeth opgebouwd alwaar ook haar standbeeld op deszelfs plein doet preijken.184 Dit groot gebouw is omgeven met een zwaar en hoog ijzeren hekwerk. Het was nu juist half 2 uren, maar de hekken zijn gesloten dewelke nu juist wegens de zondag niet voor 3 uren geopent worden en wij zijn genoodzaakt om een andere dag daarvoor te bezigen om reden dat men aan zondag gedurende de kerkdienst twee uren er in vertoeven moet, waarom dit nu in alle gevalle niet kan zijn.
Het middag eetenstijd is dan nu alras genaderd waardoor wij besloten om huiswaarts te keren te meer omdat het afgesproken was om met mr. Van Delden nademiddag naar het Exhabition-tentoonstelling of glazen gebouw te gaan zien.185
Slegts zoo lang als wij aten begaven wij ons dan ook spoedig aan de reijs. Wij gaan nu met Van Delden van zijn huis weg naar de grote Londonsche brug. Bevoor wij daar kwamen zag ik weder iets vreemds. Een prediker stond bij een kleine plein opentlijk op de straat op zijn Engels aan 't prediken.186 Hij scheen mij driftig te zijn met zijne woorden. Hij had zich op eene kleine verhevene plaats gesteld opdat ieder hem wel konde aanzien. Ik verstond er niets van, /70/ weshalven mij dit dan tot het daar blijven van geen nut konde zijn. Vandaar reijsden wij per stoomboot voor een enkele stuiver de man bijkans twee uren ver.
Vandaar reijsden wij per stoomboot voor een enkele stuiver de man bijkans twee uren ver. Zo een koopje heb ik nog nimmer ondervonden. Onder meer andere bruggen over deszelfs rivier Theems kwamen wij door. Eene derzelfde hing in kettingen.187
Deze reijs werd ons eerst door regenbuijen en wind onaangenaam gemaakt, terwijl een ieder met zware moite zijn parplui te houden had.Na een verre afstand werd dit beter, daar lag de boot aan en de passagiers die in de kajuit waren, gingen aldaar meest allen uit, zoodat wij nu er konden ingaan terwijl wij een weinig later bij het afstijgen van de boot weder heel knap weder bekomen hadden. Als nu begaven wij ons met spoed onderweg naar het park te voet aangezien aldaar weder genoeg te zien is, het reusachtige paleis van de koningin hetwelk tevens ook met zeer hoog ijzer omheining omgeven is.188 Ook zijn wij onder een poort door gekomen met twee buiten gewone hoge ronde ijzeren deuren.189 Boven die poort stond ook een groot gedaante, lord Wellington te paard, die ik reeds op het oude beursplein ook aangetroffen had. Dit standbeeld is door zijne hoogte op verre afstand reeds zigtbaar.190 Nu naar het gewoel der menschen in het bosch, het wandeld en loopt en rend maar voort. /71/ Hier is het nette alsof het buiten is. Zoo gaat het nu op het Exhabiton aan. Het is nog niet geheel klaar. Op sommige plaatsen is nog het hout er voor ofwel het nu zoowat eenvoudigerwijs is, mag het tevens tog wel een wonderstuk genoemd worden.
Het is alles ijzer en glas, bomen zijn er zelfs in betimmert.191 In het midden van het gebouw is een hogere ronde gedaante. Het spijt mij tevens dat ik op zondag er na toegegaan was terwijl men nu wel verneemd dat er tusschenbeide tog wel eens voor geld onder de dekmantel de toegang verleend wordt. Het is hier een drukte met wandelen van belang. Vele nieuwe gebouwen zijn in deze einvirons wegens den tentoonstelling aangebouwd. Het Heidepark beslaat eene zeer grote ruimte. Het gebouw voor de tentoonstelling, waarvan ik de helfte van hetzelfde heb afgetreden, plus minus driehonderdvijftig treeden, niettegenstaande van dit zoo buitengewone gebouw van lengte en breedte kunnen er nog wel veel meer aanzienlijke gebouwen geplaatst worden, terwijl men an iedere zijde van deze grote en zeer lange ruimte de eigentlijke stad opmerken doet.
Veel inwoners zullen in deze nabijheid gedurende het saisoen der tentoonstelling naar mijn inziens rijk worden. Een uitstalletje in de nabijheid derzelve is voor 480 pond verhuurd. Ook zag ik uithangbordjes ofschoon in Engels 'vertrekken te huur'. /72/
Wij gingen dan nu ook aldaar in een tappershuis hetwelk thans alzoo zeer bezogt wierd. Zwager en Van Delden zeiden aan de kastelein dat hij niet treurig er om zoude zijn dat dit spul alhier gekomen was en dat hij wel kans had om in dit saisoen rijk te worden. Waarop hij hen ten antwoord gaf, dat hij reeds een poosje er van binnen had, terwijl hij nu al een tijdlang 2 pens of 2 stuiver voor een glas bier meer nam en de rum en de andere drank na rato. Hollanders van het platteland en voornamentlijk uit Drenthe behoeven om de goodkoopte 's halve daar niet na toe te gaan.
Vervolgens gingen wij retoer tot de stapelplaats der omniebussen, waarmede wij nu gesamentlijk de terugreijs aannamen. Hier ziet men nu beter het rumoer en rijkdom der stad, aldaar woont ook Rotschild192, Wellington193 en meer andere milloeniers.194 Die goede Van Delden had bij het afstappen aan het station voor omniebussen reeds eer ik zag voor alles betaald. Men kan dus zien dat te London voor de werksaamheden wat betaald word. Hij is tog slechts cigaarmaker, hoewel meesterknegt, waarvan hij voor vast wekenlijks 2 pond of ƒ 24 Hollands verdient, met zooveele emolumenten dat er nog 1/3 bijkomt. Dit is hier nog al een traktement van belang al was het ook voor een predikant, het is Engeland en men vraagd ook wezenlijk niet meer om een schelling /73/ als hier om een halve oude Hollandsche schelling.
Op die plaats aangekomen bij de Beurs konden wij nu wel weder nieuw plaats nemen, maar hebben nu maar besloten dat end te voet af te leggen en daar wij nu het onze heden er aan gedaan hebben met wandelen, lopen, rijden, varen & zoo heeft men den zondagavond in het logement doorgebragt. Uit hoofde ik nu wel wat te boeken had en te meer dat ik morgenvroeg om halfzes uren met een koopman van vee naar de markt zoude gaan. En hier mede is onder het goede avondeeten en drinken de avond beslooten